|
Op 12 oktober 1981 is onze Club opgericht. Snelle rekenaars hebben dan meteen in de gaten dat dat al meer dan vijfentwintig jaar geleden is. In vogelvlucht staan we stil bij méér dan 25 jaar Club.
In den beginne De basis voor onze club is gelegd door een groepje enthousiaste eigenaren van een Renault 5 Alpine. Een advertentie in het blad Autovisie met steun van Renault Nederland riep eigenaren van dit type auto op om op 12 oktober 1981 naar Twello te komen. De opkomst was met twintig auto's niet slecht en zo ontstond de "Eerste Nederlandse Renault 5 Alpine Club". De beginjaren waren rommelig en uiteindelijk kreeg Wim van Teeffelen de leiding over de club. In februari 1983 werd de naam van de club gewijzigd in "R5 Alpine Club". Inmiddels werden ook eigenaren van de Renault 5 Alpine Turbo bestookt met briefjes tussen de ruitenwisser, om vooral lid te worden. Voor de 5 Turbo werd een apart register geopend.
De turbomotor blijft, de naam Alpine verdwijnt In 1984 werd de opvolger van de 5 gepresenteerd, door Renault de Super Cinq genoemd. Een jaar later verscheen de sportiefste versie: de 5 GT Turbo. Liefhebbers van het sportwagenmerk uit Dieppe moesten met pijn in hart accepteren dat Renault de naam Alpine voor het snelste Vijfje overboord had gezet. Desondanks omarmden de clubleden de GT Turbo van harte en hun aantal in de ledenlijst steeg rap. Het duurde dan ook niet lang (1985) voordat voor de derde keer de clubnaam werd gewijzigd: R5 Alpine & GT Turbo Club. In diezelfde Ledenvergadering werd de naam van het nog te introduceren clubblad goedgekeurd: Alpine Magazine.
Adieu Turbo, bonjour 16V In de Ledenvergadering van 1990 kwam men er niet uit. Bekend was dat de opvolger van de GT Turbo voortaan ongeblazen door het leven zou gaan. Renault had voor de snelste Clio een zestienklepsmotor ontwikkeld. En aan dat idee moesten heel veel leden wel even wennen. De beslissing werd een jaar uitgesteld. In 1991 was het geen punt meer, zeker niet omdat de (inter)nationale autopers de Clio 16V had verheven tot standaard in de GTi-klasse. Zonder noemenswaardige discussie werd deze hot-hatch toegelaten als clubauto. Gevolg was wel dat de clubnaam de lading niet meer dekte. Het duurde echter nog tot 1993 voor de vierde en tot nu toe laatste naamswijziging een feit was: voortaan was het Club Renault Sportives. Een jaar later werd tijdens de eerste nieuwjaarsbijeenkomst in de geschiedenis van de club het nieuwe logo gepresenteerd. Renault benutte zijn Formule 1 relatie met Williams en plakte die naam op een Clio met nieuwe 2-liter 16V motor. De auto zou in een beperkte oplage van 3500 stuks worden gemaakt. De vraag was echter zo groot dat Renault er drie series van heeft gemaakt, met in totaal zo'n 10.000 exemplaren. Omdat de Clio Williams een doorontwikkeling is van de 16V, is ie automatisch clubauto geworden. Een soortgelijk verhaal geldt voor de Renault Sport Spider die door zijn Williams motor zonder slag of stoot in de clubgelederen is opgenomen.
Geen oldtimer club Als in 1995 de Renault Mégane als opvolger van de Renault 19 wordt voorgesteld, loopt de Clio op zijn laatste benen. De 16V en Williams zijn dan al uit productie genomen. De Mégane Coupé met zijn 2.0 16V motor uit de Williams moet het sportieve vaandel overnemen. De Ledenvergadering is verdeeld. Uiteindelijk wordt in 1996 voor de toekomst gekozen. Niet alleen verder met de bestaande clubauto's, maar met een flinke dosis vers bloed. De toelating van de Mégane Coupé & Cabriolet (2.0 16V) zorgt ervoor dat ook zijn voorgangers in zijn kielzog worden meegenomen. Zodoende zijn vanaf dat moment ook de 11 Turbo en de 19 16V (in 3, 4 , 5 deurs en cabrio uitvoering) clubauto.
Toch weer Clio Hoewel de Mégane Coupé goed werd verkocht, sloeg hij niet zo aan bij de jongere kopers. Renault is, om die doelgroep te benaderen, zijn aandacht gaan richten op een ander type. De Clio 2 zou weer een sportief topmodel krijgen dat de Williams moest doen vergeten. En Renault hield woord. De Clio Renault Sport is voorzien van een heerlijke tweeliter 16V motor met 172 pk onder de kap. Deze werdt later opgevolgd door een 182 pk uitvoering. En passant gooide Renault er een versie met 3.0 V6 middenmotor tegenaan. Hierover hoefden de leden niet lang na te denken en unaniem werden in de Ledenvergadering van 1999 deze twee auto's tot clubauto verkozen.
De terugkeer van de Turbo
Met de introductie van de Megane II RS keerde bij Renault de turbo motor terug. De 2 liter 16 klepper van de Megane RS krijgt hulp van een twin scroll turbo. Dit brengt het vermogen van de auto op een formidabele 225 (230 voor de R26/R26R) pk. Maar vooral het koppel is indrukwekkend, met 330nm, beschikbaar van 2000 tot 5000 toeren. Ook de opvolger van de Megane II RS, de Megane 3 RS krijgt weer de 2 liter turbo motor. Nu met 250 pk en ook het van de Laguna III bekende Active Drive. Bochten kunnen hiermee nog sneller genomen worden.
De Clio III en Twingo RS
De Clio III heeft ook weer een RS uitvoering gekregen, nog steeds zonder turbo. Ten opzichte van de Clio II RS heeft de auto wat extra vermogen gekregen. Het vermogen is met 100 pk per liter op een mooie 200 pk uitgekomen. Dit is ook wel nodig, de Clio III RS weegt 1300 kilo, 300 meer dan de oude! Gelukkig is het onderstel zo goed dat de wegligging in elk geval niet onderdoet voor het origineel.
Met de introductie van de nieuwe Twingo is hier eindelijk ook een RS uitvoering van gekomen. De twingo RS staat op het platform van de oude Clio RS. De wegligging is dus alvast goed. Renault heeft besloten om de bekende 1.6 16V motor in de Twingo RS te gebruiken. Deze is in de RS opgepept tot 133 pk, niet verkeerd in een auto van 1000 kilogram.
Registers Voor elk type auto is er binnen onze Club een Register. Voor elke type dat bij de Club komt wordt automatisch een nieuw Register ingericht. Het voordeel van dit systeem is dat eigenaren van één bepaald type zo tot een eigen meeting of activiteiten kunnen komen. Deze meetings staan ook op onze kalender.
De organisatie De Club wordt geleid door een aantal enthousiastelingen, die daar, zoals bij de meeste verenigingen, veel vrije tijd in stoppen. Op de pagina Contact vind je de namen en e-mailadressen van de bestuursleden en de diverse commissies. Schroom niet om met hen contact op te nemen als je vragen op een van die terreinen hebt!
|